Zwarte gaten: hoe fundamenteel onderzoek een lerarenopleiding verrijkt

Hogeschool Utrecht is een van de leden van het nieuwe Dutch Black Hole Consortium. Hierin werken instellingen en bedrijven samen aan een beter begrip van zwarte gaten. “Een mooie kans om onze natuurkundeleraren in opleiding te laten kennismaken met actueel onderzoek”, stelt lector Bèta- en Technologiedidactiek Elwin Savelsbergh. “Dat is belangrijk, want een goede leraar kan meer dan de stof uit het boek uitleggen. Die kan leerlingen ook meenemen in een wereld buiten het boek.”

Er was onlangs goed nieuws voor het Dutch Black Hole Consortium: in het kader van de Nationale Wetenschapsagenda (NWA) ontvangt het consortium een subsidie van 4,9 miljoen euro. Daarmee gaat het de komende vijf jaar onderzoek doen naar zwarte gaten – maar ook naar hoe je dit soort fundamenteel onderzoek breder bekend kan maken. Vandaar dat naast universiteiten ook wetenschapsmusea en hogescholen zijn aangesloten. Waaronder Hogeschool Utrecht, met het lectoraat Curriculumvraagstukken Funderend Onderwijs van lector Elwin Savelsbergh.

Mooi onderwerp

“De studenten die voor onze lerarenopleiding natuurkunde kiezen, vinden het vak interessant: in dat vak willen ze leraar worden. De meesten kennen het vakgebied echter niet uit eigen ervaring; ze kennen het alleen van school en uit de boeken. Dit project is een mooie kans om ze persoonlijk in aanraking te brengen met de fundamentele onderzoekspraktijk. Dat is belangrijk, want een goede leraar kan meer dan de stof uit het boek uitleggen. Die kan leerlingen ook meenemen in een wereld buiten het boek. Die kan laten zien: kijk, in de echte wereld ziet het bedrijven van natuurkunde er zó uit. Onze studenten hoeven geen experts op het gebied van zwarte gaten te worden; het gaat om de ervaring met een onderzoekspraktijk. Dat onderzoek zou ook een ander natuurkundig vraagstuk kunnen behelzen.” Al zijn zwarte gaten wel een bijzonder mooi onderwerp voor een leraar, stelt Savelsbergh: “De ruimte, zwarte gaten, de mogelijkheid van buitenaards leven, dat zijn onderwerpen die de nieuwsgierigheid prikkelen, waar leerlingen spontaan vragen over stellen. Het is een veelbelovend onderwerp om in het onderwijs mee te werken als je de interesse voor natuurkunde wilt aanwakkeren.”

"Onze inzet is dat leraren het vakgebied dat zij onderwijzen niet alleen kunnen bijbrengen vanuit een positie als toeschouwer, maar ook een beetje als veldspeler"

Elwin Savelsbergh

Meer in balans

“Wat wij willen weten is: wat doet zo’n onderzoekservaring met de kijk van onze studenten op wetenschap en met hun beroepsidentiteit? Momenteel ontwikkelen onze studenten vooral een beroepsidentiteit als leraar, niet zozeer als natuurkundige. In onze visie zou dat meer in balans moeten zijn: een identificatie met het beroep leraar én met het vakgebied natuurkunde. Onze inzet is dat leraren het vakgebied dat zij onderwijzen niet alleen kunnen bijbrengen vanuit een positie als toeschouwer, maar ook een beetje als veldspeler. Dat ze uit eigen ervaring kunnen vertellen over het moment dat het metertje eindelijk uitslaat of de grafiek laat zien wat jij voorspelde. Wij verwachten dat dit soort ervaringen een positieve invloed hebben op iemands kwaliteiten als leraar.” 


“Dit consortium is een uitgelezen kans om dat over langere tijd – vijf jaar – systematisch te kunnen onderzoeken. Hoe we de invloed van zo’n onderzoekservaring binnen de lerarenopleiding het beste kunnen meten, daar beraden we ons nog op. Maar we hebben in ieder geval de geschikte partners, financiering en tijd. Het wordt heel interessant om te zien wat dit onze studenten – en dus de onderwijspraktijk – gaat opleveren.”

Dutch Black Hole Consortium

Het project heeft een looptijd tot september 2026. Penvoerder is Universiteit Utrecht. De andere consortiumleden zijn: Radboud Universiteit Nijmegen, SRON, Nikhef, Universiteit van Amsterdam, Universiteit Twente, Universiteit Maastricht, KNMI, Hogeschool van Amsterdam, TNO, Universiteit Leiden, Museum Boerhaave, Museumplein Limburg, Provincie Limburg, Innoseis, Shell, Las Cumbras Observatory, Harvard, natuurkunde.nl en Hogeschool Utrecht. 

Kijk voor meer informatie op de HU-projectpagina van het consortium.


Deel dit artikel