HU-onderzoekers evalueren paramedische herstelzorg voor patiënten met COVID-19

Onderzoek

HU-onderzoekers van het lectoraat Innovatie van Beweegzorg nemen deel aan een nationaal onderzoeksconsortium dat paramedische herstelzorg voor patiënten met COVID-19 gaat evalueren. In juli besloot het kabinet eerstelijns paramedische herstelzorg voor patiënten die ernstige COVID-19 hebben doorgemaakt voorwaardelijk op te nemen in het basispakket zorgverzekeringen. Het doel van het onderzoek is om de effectiviteit en de kosten van deze zorg in kaart te brengen.

“Een deel van de patiënten die het coronavirus heeft gehad, houdt langdurig klachten in hun dagelijks leven, zoals vermoeidheid en kortademigheid tijdens fysieke inspanning”, licht lector Cindy Veenhof toe. “Het onderzoek richt zich op de vragen hoe ex-patiënten participeren in de maatschappij, wat hun kwaliteit van leven is en hoe hun vermoeidheidniveaus zijn. Om herstel te bevorderen is kwalitatief goede en onderling afgestemde eerstelijns paramedische zorg noodzakelijk. Het onderzoek gebeurt daarom in nauwe samenwerking met het werkveld. Er wordt onder meer gekeken naar herstelzorg vanuit oefentherapie, ergotherapie, logopedie, diëtetiek en fysiotherapie.”

Het consortium bestaat uit onderzoekers van acht kennisinstellingen, waaronder het Nivel, een flink aantal paramedische beroepsorganisaties, huisartsen, medisch specialisten, patiënten, verzekeraars en het Zorginstituut Nederland. Het onderzoek wordt gefinancierd door ZonMw, de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie.

Deel dit artikel