HU gaat leraren opleiden om inclusiever onderwijs te geven

De diversiteit in Nederlandse klaslokalen neemt toe: de leerlingen hebben verschillende culturen, achtergronden, gewoontes, individuele behoeften en problematieken. Hoe kan een docent inspelen op de mogelijkheden en talenten van alle leerlingen? Hogeschool Utrecht start in september voor derdejaars pabostudenten en vierdejaars studenten aan de lerarenopleidingen een programma onder de naam ‘Naar inclusiever onderwijs’, dat toekomstige leraren leert hoe ze inclusief onderwijs kunnen geven.

Het programma start als pilot bij de locatie in Amersfoort van Hogeschool Utrecht (HU). Peter Linschoten, projectleider ’Naar inclusiever onderwijs’, vertelt: “Leraren en docenten willen het beste voor hun leerlingen, maar de ervaring in het werkveld is dat het niet eenvoudig is om met de diversiteit om te gaan en om uit iedere leerling het beste te halen in zo’n diverse groep. Ons onderwijssysteem en de curricula zijn nog niet altijd voldoende afgestemd op de diversiteit waar leraren mee te maken hebben. Studenten krijgen in het nieuwe programma zicht op de hele ontwikkelingslijn van kinderen, van 4 tot 22 jaar, en worden gestimuleerd in andere onderwijssectoren mee te lopen. Als leraar leren ze hierdoor beter inspelen op de unieke, persoonlijke situatie van de leerling.”

"We werken continu toe naar inclusie als stip op de horizon"

Differentiëren kun je leren

“Een topdocent moet goed kunnen differentiëren tussen alle leerlingen en dat vraagt een andere opleidingsaanpak. Leerlingen van alle leeftijden willen gehoord en gezien worden. Daarvoor moeten studenten naast didactisch ook pedagogisch goed onderlegd zijn. Daarom leren ze in het programma om in de lesvoorbereiding al rekening te houden met hoe leerlingen doelen op verschillende manieren kunnen behalen. De leerling wordt centraal gezet en niet het lesmateriaal. We hebben een studenten-review georganiseerd en hen gevraagd waar zij in de afgelopen jaren in hun opleiding energie van kregen. Veel van hen benoemden dat ze echt gezien en gehoord werden door docenten, studieloopbaanbegeleiders en andere collega’s als het even niet goed ging. Dat er een relatie en aansluiting was en werd afgestemd op hun ontwikkelingsbehoeften. We willen onze studenten ook leren deze relaties aan te gaan met hun leerlingen.”

"Een topdocent moet goed kunnen differentiëren tussen alle leerlingen en dat vraagt een andere opleidingsaanpak"

Expertises combineren

Aan de pilot werken professionals mee vanuit de beroepspraktijk, de lerarenopleidingen en pabo en de HU-opleidingen sociaal werk en pedagogiek. Ook de lectoraten Normatieve Professionalisering, Meertaligheid en Onderwijs, en Participatie en Stedelijke Ontwikkeling dragen bij aan de ontwikkeling van het programma. Peter: “We werken continu toe naar inclusie als stip op de horizon. Samen met het werkveld, studenten, docenten en onderzoekers geven we betekenis aan die stip en zetten we stappen in de juiste richting. We verleiden studenten om uit hun eigen bubbel te stappen en kennis te nemen van andere leefwerelden. Pabo-studenten vragen we bijvoorbeeld te gaan kijken bij het voorgezet onderwijs en studenten die les willen geven op het vo vragen we te kijken op basisscholen en mbo’s. Kennisnemen van verschillende schooltypen helpt leraren om een beter begrip te ontwikkelen van waar hun leerlingen vandaan komen en naartoe gaan.”

Inclusie bespreken

“Het project zet een andere organisatie neer en verbindt expertises tussen de beroepspraktijk, sociaal-educatieve opleidingen en onderzoek. Dit zorgt voor studenten die breder zijn voorbereid op de beroepspraktijk, met een breder perspectief. Uiteindelijk willen we ook dat leraren onderwerpen als inclusie en polarisatie leren bespreken met hun leerlingen. Daarvoor bieden we hen tools om een inclusieve mindset te ontwikkelen. Uiteindelijk zal in curricula van alle HU-lerarenopleidingen het inclusieve profiel worden geïntegreerd.”

Deel dit artikel