De vork straft direct - onderzoek naar technologie bij gedragsverandering

15-04-2016

Afvallen komt nog erg vaak aan op wilskracht en, blijkt keer op keer, dat werkt op termijn niet. Daarom worden gadgets en apps ontwikkeld die direct waarschuwen als iemand in zijn slechte eetgewoonten terugvalt, zoals de trilvork, waarvan onderzoeker Sander Hermsen het effect onderzocht. Redacteur Ronald Veldhuizen deed mee aan het onderzoek.

spaghetti bolognese

“Doodstil is het. Ik zit in een Nijmeegs laboratorium waar niets wit is: het interieur heeft meer weg van een kruising tussen een bruin café en een sportkantine. Even verderop tikt de voet van een medeproefpersoon op de grond; hij is ongeduldig, net als ik. Logisch: we hebben al uren niet gegeten. Dan zwaait de deur open en zet een onderzoeksassistent een maaltijd op elke tafel: een forse schaal pasta bolognese. Ik schep een portie op en neem een eerste hap. Lekker. Enthousiast neem ik hap nummer twee. Dan schrik ik op: ineens begint de vork hevig te trillen. Uiterst onplezierig. De vork, die de Franse fabrikant SlowControl officieel de 10S Fork heeft gedoopt, registreert eetgedrag en waarschuwt wanneer ik te snel eet. De bedoeling is dat mensen die de vork gebruiken langzamer en vooral minder eten. Een gadget om mee af te slanken. Of zo’n truc écht werkt is nog niet goed onderzocht, zeggen gedragswetenschappers Roel Hermans en Sander Hermsen. De twee vonden elkaar via Twitter toen ze beiden kanttekeningen plaatsten bij de 10S Fork, omdat het wéér zo’n leuke gezondheidsgadget is waarvan de werking wetenschappelijk nooit is aangetoond. Ze besloten samen het apparaat rigoureus te onderzoeken in een groot project waarvoor ze 100 duizend euro subsidie kregen van onderzoeksfinancier NWO. Ze testten de vork op zichzelf, in het lab en nu bij proefpersonen thuis die daadwerkelijk willen afvallen. Hermans, die aan de Radboud Universiteit Nijmegen werkt, is de eetexpert. Hermsen is de gadgetman. Aan de Hogeschool Utrecht onderzoekt hij in hoeverre technologie bij gedragsverandering kan helpen. Dat je terwijl je eet direct op je vingers wordt getikt, is een enorm verschil met hoe de meeste diëten werken. ‘Ik denk dat veel interventies op eetgebied toch nog vrij vaak een beroep doen op de wilskracht en zelfcontrole van mensen’, zegt eetpsycholoog Hermans. ‘Mensen moeten zich houden aan een bepaalde leefregel. Dus: doe dit en je valt af. Doe dat niet en je valt ook af. Dat werkt. Maar op het moment dat je even je aandacht er niet bij houdt, krijg je een terugval in oude gewoonten. Het voordeel van een techniek als zo’n slimme vork is dat je feedback krijgt wanneer je dat het meeste nodig hebt, zonder dat je er iets voor hoeft te doen.’ Die verschuiving, om bij afvalpogingen minder te leunen op wilskracht en in plaats daarvan te proberen direct iemands gewoonten te veranderen, is al een tijd gaande binnen de wetenschap, zegt gedragspsycholoog Hermsen. Steeds meer onderzoekers pleiten ervoor om naast voorlichting en dieetadvies ook te bekijken of onbewust eetgedrag aan tafel een gezondere kant op te sturen valt. ‘De meeste mensen hebben geen flauw idee van hun automatische gedrag’, zegt Hermsen. ‘Pas wanneer ze ermee worden geconfronteerd, zijn ze in staat hun gedrag aan te passen.’ En eetsnelheid is onbewust gedrag pur sang, vervolgt hij. ‘Als iemand mij vertelt dat ik langzamer moet eten, dan lukt mij dat best voor een minuutje of zo. Daarna vergeet ik het weer en eet ik net zo snel als altijd.’ Het eettempo terugschroeven, wat de vork van SlowControl dus beoogt, is daarom logisch. Maar ook om een andere reden: wie langzamer zijn maaltijd verorbert, voelt zich ook voller en eet daarom vermoedelijk minder.

Kees de Graaf, hoogleraar eetgedrag aan Wageningen Universiteit, ziet dat keer op keer terug in zijn onderzoek. Hij e-mailt een van zijn favoriete voorbeelden: een filmpje van een collega in zijn lab die één kilo druiven op twee verschillende manieren verorbert. De ene keer kauwt hij op druif na druif, de andere keer stopt hij ze in een blender en drinkt hij ze op. De vloeibare druiven zijn binnen anderhalve minuut weggeklokt, maar de kauwoefening duurt bijna twintig minuten: de laatste vruchtjes gaan er met zichtbare tegenzin in. ‘Voor de maag is er nul procent verschil hè, met die druiven’, zegt De Graaf. ‘En toch geeft dat langzame kauwen een heel andere beleving en een sterker verzadigingsgevoel.’

Dat is ook wat Hermans en Hermsen in het lab bij de trilvork hebben opgemerkt. Uit hun voorlopige resultaten blijkt dat proefpersonen niet alleen langzamer eten. Ze voelen zich ook voller. En dat terwijl ze ongeveer evenveel aten als de controlegroep bij wie de vork niet trilde. Zo’n extra verzadigd gevoel kan misschien later op de dag de eetlust remmen, zegt Hermans. Maar of dat aan het langdurige kauwen ligt, zoals De Graaf suggereert? Terwijl ik met de vork happen neem van de pasta bolognese, Merk ik niet dat ik langzamer kauw. Wel valt het me op dat ik mijn best doe om aan de tienseconden-regel van de vork te gehoorzamen. Vooral in het begin word ik een paar keer op de vingers getikt, maar daarna lukt het me om tussen de happen door iets langer te wachten. Met de nadruk op wachten: ik neem een hap, kauw even, slik door en tel als het ware de seconden af tot ik weer mag. Het verrast de twee onderzoekers niet. ‘Misschien kauw je niet langer, maar sta je wel langer stil bij het feit dat je een maaltijd eet’, zegt Hermans. ‘Je bent met je aandacht bij je eten, en daarvan is ook wel bewezen dat je je voller voelt.’ Welke van de verklaringen hier geldt, is niet iets dat Hermans en Hermsen gaan uitzoeken: ze willen vooral weten of de vork op lange termijn helpt.

In Wageningen willen onderzoekers wél achterhalen welk onbewust eetgedrag precies verzadigt en welke niet. Eetgedrag-wetenschapper Monica Mars werkt er aan een groot onderzoeksproject – Splendid genaamd – waarin ze eveneens automatische eetgewoonten willen bijsturen. Maar voordat Mars en haar collega’s verschillende eetstijlen van slanke en te zware mensen in kaart brengen. Dat is een ongelofelijk ingewikkelde klus, en het bijzondere is dat het allemaal niet in een laboratorium plaatsvindt. Nee, de deelnemers krijgen gadgets mee naar huis die ze bij elke maaltijd kunnen gebruiken. Een weegschaal van een paar millimeter dikte komt onder het bord te liggen; die weegt de maaltijd terwijl deze wordt genuttigd. Kleine oordopjes registreren of en hoe lang er wordt gekauwd. En een beweegsensor houdt – wat anders – lichamelijke activiteit bij. Wanneer Mars en haar collega’s in de informatiestroom uit die gadgets slechte eetgewoonten kunnen herkennen, gaat de volgende fase in: ingrijpen. Dan krijgen de deelnemers signaaltjes aangereikt via een smartphone-app wanneer ze te snel eten, te lang stilzitten of bijvoorbeeld niet lang genoeg kauwen. ‘We moeten nog zien hoe het in de praktijk uitpakt’, zegt Mars. ‘Als je uit eten gaat en je legt ineens een weegschaal onder je bord en je doet een oortje in dan kijken je tafelgenoten misschien toch raar op. Ik kan me voorstellen dat er veel momenten zijn waarop mensen besluiten dat ze er even genoeg van hebben.’

Ook voor de vork van SlowControl geldt: wie geen zin in dat ding heeft, legt hem gewoon weg. Diëtist Sylvia van Daalen, die twaalf gebruikers van de vork begeleidt en zo meewerkt aan het onderzoek van Hermans en Hermsen, heeft al eens gehoord dat dat gebeurt. ‘Iedereen die probeert af te vallen, ervaart dipjes’, zegt ze. ‘Dan is het veel gemakkelijker om te denken: flikker op, ik laat hem vandaag expres in de vaatwasser liggen.’ Toch verwacht ze dat het een prima hulpmiddel kan zijn. ‘Als zo’n apparaat trilt, tolereren mensen dat beter dan wanneer hun partner tegenover ze zit en zegt: moet je weer zo snel eten? Dus in dat opzicht is het een plus, zelfs als-ie af en toe wordt gebruikt, in plaats van helemaal niet.’”

Bron: De Volkskrant

Crossmediale Communicatie in het Publieke Domein

Onderzoekers publab

Over het lectoraat

Onderzoeker

Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Sluiten