Instituten gaan samen verder: "Studenten krijgen meer mogelijkheden"

De instituten IGO (Instituut voor Gebouwde Omgeving) en IED (Engineering & Design) van Hogeschool Utrecht gaan verder als één instituut. Op maandag 10 februari werd het samengaan gevierd én werd de nieuwe naam bekend gemaakt: Institute for Design and Engineering (IDE). Instituutsdirecteur Do Blankestijn: “Samen hebben we meer technische en didactische kennis in huis en kunnen we nieuwe dingen van elkaar leren.”

In de beroepspraktijk raken traditionele engineering- en bouwdisciplines steeds meer met elkaar verweven. Maatschappelijke vraagstukken, zoals verduurzaming van de bouwsector én van de woningen die deze oplevert, vragen om intensieve, multidisciplinaire samenwerking. Met het samenvoegen van het Instituut voor Gebouwde Omgeving (IGO) en Engineering & Design (IED) sluit de HU aan bij die ontwikkeling. “Het is goed zo’n belangrijke stap te vieren, zoals we op 10 februari hebben gedaan”, stelt instituutsdirecteur Do Blankestijn. “Maar het samenvoegen van de twee instituten is natuurlijk al veel eerder begonnen en is nog niet ten einde. Het is een proces.” De opleidingen zullen dan ook vooralsnog zelfstandig blijven, al wordt er uiteraard al meer inhoudelijk samengewerkt.

Inhoudelijk gemotiveerd

Nu steeds meer disciplines samenwerken aan producten en diensten is het ook bedrijfsmatig logisch ze samen te voegen. Het scheelt in de kosten en zorgt voor meer efficiëntie, bijvoorbeeld doordat faciliteiten nu beter gedeeld kunnen worden. Die bedrijfsmatige voordelen zijn echter nooit de reden geweest voor het samengaan van de instituten. Do: “Deze stap is inhoudelijk gemotiveerd. De directe aanleiding om het samengaan te onderzoeken, was de ontwikkeling van een nieuwe master waarvoor de expertise van beide instituten nodig was. We zijn toen gaan praten binnen de docententeams, met de instituutsraden en opleidingscommissies. Uiteindelijk zijn we toen met een plan gekomen."

Flinke verandering

Het is een flinke verandering die best veel vraagt van docenten en andere medewerkers, erkent Do. “Maar het levert ook veel op. Hoe beter we op de beroepspraktijk aansluiten, hoe meer voldoening studenten én docenten uit het onderwijs en onderzoek kunnen halen. Samen hebben we meer technische en didactische kennis in huis en kunnen we nieuwe dingen van elkaar leren. Studenten hebben binnen het nieuwe instituut meer mogelijkheden. Het wordt eenvoudiger een studiepad te kiezen op het snijvlak van disciplines. Bijvoorbeeld door veel aan gezamenlijke projecten te werken.” Niets doen is bovendien geen optie. De wereld om ons heen verandert, als beroepsonderwijs moet je mee veranderen. Anders ben je niet meer relevant.”

Moois

Thuisbasis van het Institute for Design and Engineering is het gebouw aan Padualaan 99. Do Blankestijn was de logische keuze voor instituutsdirecteur: hij was al IED-directeur en sinds januari interim-directeur bij IGO. “Ik ben trots op hoe we dit nieuwe instituut samen tot stand hebben gebracht en zet me er graag vol voor in. Dat verwacht het team ook van mij – en ik van het team. Volgens mij hebben we samen iets heel moois in handen.”

Deel dit artikel